
Biologische verschillen
Het verschil tussen jongens en meisjes is grotendeels biologisch van aard: Jongens en meisjes hun hersenen zijn anders ontwikkeld. Jongens ontwikkelen hun linker hersenhelft (waarin het taalgedeelte zit) langzamer dan de rechter, terwijl de twee hersenhelften bij meisjes meer in balans zijn. Dit zorgt ervoor dat jongens zich minder goed kunnen concentreren, en hun voldoening niet uit lezen halen. Meisjes daarentegen vinden rust en emotie tijdens het lezen.
Daarnaast zijn meisjes over het algemeen van nature taliger dan jongens, die weer beter zijn in abstractie. Lezen lijkt daarmee dus meer bij meisjes te passen.
Sociologische verschillen
Het andere verschil is sociologisch. Jongens en meisjes worden verschillend opgevoed. Door hun ouders of door de maatschappij: op school, door vriendjes, door familie. Voor meisjes wordt rustig gedrag door de maatschappij gewoon gevonden en gewaardeerd, jongens worden geprezen om hun stoere gedrag. Hierdoor gaan jongetjes eerder buiten voetballen dan dat ze zich terugtrekken met een goed boek.
Gaan jongens dan nooit lezen?
Dit betekent niet dat we ons per se zorgen hoeven te maken over de jongens. De balans in de hersenen is weer hersteld alsde pupertijd op zijn einde loopt. Dan is er meer rust en zijn ze ook beter in staat te handelen naar hun eigen behoeftes en minder naar die van de maatschappij. Of lezen dan natuurlijker voor ze wordt hangt dan van andere dingen af.
